Hypertrichosis
1. Korte samenvatting
Hypertrichosis is een toename van haargroei op plaatsen waar dit niet volgens het normale patroon verwacht wordt. Het kan zowel bij mannen als vrouwen voorkomen en kan aangeboren of later ontstaan. Meestal is het een cosmetisch probleem, maar soms wijst het op een onderliggende aandoening of bijwerking van medicatie.
2. Wat is het?
Hypertrichosis betekent een overmatige haargroei die niet past bij leeftijd, geslacht of etnische achtergrond. De haargroei kan overal op het lichaam voorkomen en volgt geen specifiek hormonaal patroon.
Het is belangrijk om onderscheid te maken met hirsutisme. Bij hirsutisme is er sprake van overbeharing bij vrouwen volgens een mannelijk beharingspatroon, terwijl hypertrichosis onafhankelijk is van hormonale invloeden en zowel bij mannen als vrouwen voorkomt.
De aandoening kan plaatselijk of over het hele lichaam aanwezig zijn en kan al bij de geboorte zichtbaar zijn of later in het leven ontstaan.
3. Hoe ontstaat het?
De exacte oorzaak van hypertrichosis is niet altijd duidelijk. Er zijn verschillende mechanismen die een rol kunnen spelen in het ontstaan van overmatige haargroei.
Belangrijke mechanismen zijn:
- omzetting van fijne, lichte vellusharen naar dikkere, gepigmenteerde terminale haren
- verlenging van de groeifase van het haar, waardoor haren langer blijven doorgroeien
- een verhoogde dichtheid van haarzakjes in een bepaald gebied
Daarnaast kan hypertrichosis ontstaan als gevolg van genetische factoren, onderliggende ziekten of het gebruik van bepaalde medicijnen.
4. Wat zijn de klachten?
Hypertrichosis geeft in principe geen lichamelijke klachten zoals pijn of jeuk. De impact is vooral cosmetisch en kan leiden tot onzekerheid of psychische belasting.
De mate van haargroei varieert sterk. Het kan gaan om een lichte toename van haargroei op een klein gebied, maar ook om uitgebreide beharing over grote delen van het lichaam. De locatie en ernst hangen af van de onderliggende oorzaak.
In sommige gevallen zijn er bijkomende verschijnselen, bijvoorbeeld wanneer hypertrichosis onderdeel is van een syndroom of samenhangt met een andere ziekte.
5. Hoe te voorkomen?
Omdat hypertrichosis vaak samenhangt met genetische aanleg of onderliggende factoren, is het meestal niet te voorkomen.
Wanneer medicatie een rol speelt, kan het aanpassen of stoppen van het middel de haargroei verminderen. Dit gebeurt altijd in overleg met een arts. Bij andere oorzaken ligt de focus vooral op behandeling of begeleiding van de onderliggende aandoening.
6. Is aanvullend onderzoek nodig?
De diagnose wordt meestal gesteld op basis van het klinisch beeld. De arts beoordeelt de aard, verdeling en ernst van de haargroei.
Wanneer er aanwijzingen zijn voor een onderliggende aandoening, kan aanvullend onderzoek nodig zijn. Dit kan bestaan uit bloedonderzoek, beeldvorming of verwijzing naar een specialist, zoals een internist of kinderarts.
7. Hoe wordt het behandeld?
De behandeling is afhankelijk van de oorzaak. Wanneer er sprake is van een onderliggende ziekte of medicatiegebruik, wordt eerst gekeken of deze factor behandeld of aangepast kan worden.
Voor het verminderen van zichtbare haargroei zijn verschillende ontharingsmethoden beschikbaar. Deze kunnen worden onderverdeeld in tijdelijke en meer langdurige oplossingen.
Veelgebruikte methoden zijn:
- tijdelijke ontharing zoals scheren, harsen of ontharingscrèmes
- langdurigere methoden zoals elektrische epilatie of laserbehandeling
Geen enkele methode kan garanderen dat alle haren permanent verdwijnen, maar vooral laserbehandeling kan zorgen voor een duidelijke vermindering van haargroei. De keuze hangt af van het behandelde gebied, de haarkleur en huidtype.
8. Wat is het vooruitzicht?
Hypertrichosis verdwijnt meestal niet vanzelf. Het beloop is afhankelijk van de oorzaak. Wanneer medicatie de oorzaak is, kan de haargroei verminderen na het stoppen hiervan.
In andere gevallen blijft de haargroei bestaan, maar kan deze met behandelingen goed beheersbaar worden gemaakt. De prognose is over het algemeen goed, omdat het meestal geen medische risico’s met zich meebrengt, maar de impact op kwaliteit van leven kan wel aanzienlijk zijn.
