
Er zijn steeds vaker momenten waarop mensen de spreekkamer binnenkomen zonder een duidelijke vraag. Ze hebben geen specifieke claim paraat, geen influencer om te citeren, geen screenshot om te laten zien. Wat ze wel meenemen is iets anders: vermoeidheid. Verwarring. Het gevoel dat ze te veel hebben gelezen en te weinig houvast hebben gevonden.
“Ik weet het gewoon niet meer.” “Er wordt zoveel gezegd.” “Ik raak het overzicht kwijt.”
Dat zijn geen uitspraken van mensen die niet willen luisteren.
Twijfel is geen gebrek aan interesse of intelligentie. Het is het gevolg van een overvolle informatiestroom zonder context.
Het zijn uitspraken van mensen die juist geprobeerd hebben hun gezondheid serieus te nemen, die zijn gaan zoeken, lezen en vergelijken, en onderweg zijn vastgelopen in een landschap waarin alles overtuigend klinkt en weinig wordt begrensd.
Twijfel ontstaat zelden uit wantrouwen
In gesprekken over medische misinformatie wordt vaak verondersteld dat mensen artsen wantrouwen. In de praktijk zie ik iets anders. Mensen wantrouwen niet zozeer de geneeskunde, ze wantrouwen hun eigen vermogen om nog te onderscheiden wat klopt en wat niet. Ze raken onzeker over hun beoordelingsvermogen. Over hun intuïtie. Over hun keuzes.
Waar onzekerheid groeit, groeit de behoefte aan verklaringen die orde beloven.
Ze hebben verhalen gelezen over voeding, darmen, hormonen, supplementen, ‘ontgiften’, ‘natuurlijk herstel’. Ze hebben ervaringsverhalen gezien die logisch klonken en herkenbaar waren. Soms zelfs hoopgevend. En ergens onderweg zijn die verhalen gaan schuren met wat ze van hun arts horen. Niet omdat het ene verhaal het andere direct tegenspreekt, maar omdat ze samen geen helder geheel meer vormen.
Dat schuren voelt ongemakkelijk. En ongemak vraagt om verklaring. Liefst een overzichtelijke.
Waarom misinformatie zelden als onzin voelt
Een hardnekkig misverstand is dat misinformatie zou werken omdat mensen “alles geloven”. Maar misinformatie overtuigt juist omdat ze zelden volledig onwaar is. Ze bevat vaak een kern van waarheid, herkenbare elementen, een redenering die logisch lijkt zolang je de context niet kent.
Het probleem zit zelden in wat er wordt gezegd, maar in wat wordt weggelaten. In de nuance die ontbreekt. In de grenzen die niet worden benoemd. In de onzekerheden die worden gladgestreken.
Wat overtuigt, is niet dat iets waar is, maar dat het verhaal af voelt.
Sociale media belonen precies dat soort verhalen. Heldere oorzaken. Duidelijke vijanden. Oplossingen die binnen handbereik lijken. Nuance vertraagt. Twijfel stoort. Voorzichtigheid scoort slecht.
Feiten concurreren niet met onzin, maar met nabijheid
Hier ligt een ongemakkelijke waarheid die we onder ogen moeten zien. Als zorgprofessionals zijn we geneigd te denken dat goede zorg automatisch overtuigend is. Dat klopt niet meer. In een medialandschap waarin nabijheid, herhaling en emotie de zichtbaarheid bepalen, is inhoud alleen onvoldoende. Wie niet zichtbaar is, laat ruimte ontstaan. En die ruimte wordt gevuld — niet door nuance, maar door stelligheid.
Dat is geen moreel falen van patiënten. Het is een structureel gevolg van hoe informatie circuleert.
Wie vaak aanwezig is, wordt vertrouwd — los van de inhoud.
Professionele verantwoordelijkheid houdt daarom niet op bij correcte zorg, maar strekt zich uit tot het herkennen van dit speelveld. Niet om influencer te worden, maar om context te blijven bieden waar die anders verdwijnt.
Waarom corrigeren alleen zelden werkt
Het direct ontkrachten van overtuigingen kan soms nodig zijn, maar het is zelden voldoende. Zeker niet wanneer iemand al langere tijd met twijfel rondloopt. Wie alleen corrigeert, zonder te begrijpen waarom een verhaal aantrekkelijk was, verliest vaak het contact.
Erkenning betekent niet dat je een onjuiste claim valideert. Het betekent dat je ziet waarom iemand erin is gaan geloven. Dat je benoemt wat logisch of geruststellend voelde. Dat je ruimte laat voor ervaring zonder die tot bewijs te verheffen.
Je hoeft iemands overtuiging niet te delen om zijn zoektocht serieus te nemen.
Pas wanneer iemand zich gezien voelt in die zoektocht, ontstaat er ruimte om het verhaal open te breken. Om uit te leggen dat geneeskunde zelden één oorzaak of één oplossing kent. Dat richtlijnen geen dogma’s zijn, maar samenvattingen van wat we op dat moment het best weten. En dat ‘niet weten’ soms een eerlijker antwoord is dan stelligheid.
Wat mensen nodig hebben als ze vastlopen
Wanneer iemand zegt: “Ik weet het niet meer,” vraagt diegene zelden om meer informatie. Wat gevraagd wordt, is ordening. Context. Iemand die helpt onderscheiden waar twijfel terecht is en waar grenzen liggen.
Dat vraagt om uitleg over hoe medische kennis tot stand komt. Waarom individuele ervaringen betekenisvol zijn, maar geen algemene conclusies dragen. Waarom sommige behandelingen werken bij sommigen en niet bij anderen. En waarom het ontbreken van een simpele verklaring geen falen is, maar een realiteit.
Begrip ontstaat niet door versimpeling, maar door uitleg.
En het vraagt om iets anders dat vaak wordt onderschat: toegang. Toegang tot betrouwbare informatie buiten de spreekkamer. Zodat mensen niet opnieuw verdwalen zodra ze thuis hun telefoon openen.
Betrouwbare stemmen moeten vindbaar zijn
Twijfel ontstaat niet alleen door fabels. Ze ontstaat ook door een gebrek aan zichtbare tegenstemmen. Zolang betrouwbare medische informatie moeilijker te vinden is dan een influencer met een verdienmodel, blijft de balans scheef.
Wie niets aanreikt, laat het algoritme beslissen.
Dat vraagt om gezamenlijke verantwoordelijkheid. Niet om overal tegenin te gaan, maar om aanwezig te zijn. Om mensen plekken te bieden waar nuance wél mag bestaan. Waar uitleg belangrijker is dan overtuiging.
Tijdgebrek is reëel — maar richting geven bespaart tijd
“Ik heb hier eigenlijk geen tijd voor.” Die gedachte is begrijpelijk. De zorg staat onder druk. Gesprekken zijn complex. Maar juist daarom helpt het om niet alles in dat ene moment te willen oplossen.
Goede zorg stopt niet bij de deur van de spreekkamer.
Een goede verwijzing kan meer rust geven dan tien minuten discussie. Een helder hulpmiddel kan voorkomen dat iemand verder afglijdt in een wirwar van claims. Iets meegeven is geen afschuiven. Het is zorg die doorloopt buiten het consult.
Van fabel naar gesprek
Deze blog is geen eindpunt, maar een verschuiving. Van corrigeren naar begeleiden. Van overtuigen naar samen begrijpen. Van strijd naar gesprek.
Twijfel hoeft niet weggenomen te worden. Twijfel mag bestaan. Maar twijfel vraagt om kader, eerlijkheid en begrenzing. Om professionals die durven zeggen wat we weten — en wat niet.
Gezondheid vraagt geen absolute zekerheid. Wel context, vertrouwen en gedeelde verantwoordelijkheid.
Slot – expliciet voor zorgverleners
Voor zorgverleners betekent dit een herpositionering. Niet richting activisme, en ook niet richting eindeloos uitleggen, maar richting bewuste begrenzing. Het betekent accepteren dat niet elk gesprek afgerond kan worden, maar wel begeleid. Dat je twijfel niet altijd oplost, maar wel kunt kaderen. Dat je niet hoeft te winnen van misinformatie, zolang je voorkomt dat iemand er alleen in verdwaalt.
Wie vandaag zorg verleent, werkt niet alleen met klachten en diagnoses, maar ook met informatiestromen. Dat vraagt andere vaardigheden dan tien jaar geleden — en het vraagt om gedeelde hulpmiddelen, zodat die last niet op individuele schouders blijft rusten. Dat is geen zwakte van het vak. Dat ís het vak, in deze tijd.
Wie na het lezen van deze blog merkt dat gesprekken over gezondheid vaker vastlopen in twijfel of overtuiging, hoeft dat niet alleen te dragen. Als aanvulling op dit artikel is er een compacte Toolkit Feiten vs. Fabels herkennen ontwikkeld. Geen debat-instrument, maar een praktisch houvast voor momenten waarop uitleg niet meer landt en het gesprek dreigt te ontsporen. De toolkit biedt herkenning, ordening en taal om het gesprek open te houden — zonder erin mee te gaan.











